Waarom


Veel kinderen krijgen vroeg of laat te maken met bepaalde uitdagingen/thema’s zoals pesten, obesitas en scheiding. Veelal is het voor kinderen en hun opvoeders lastig om met deze thema’s om te gaan en om deze bespreekbaar te maken. Voor kinderen is het bovendien vaak moeilijk om goedbedoelde oplossingen en adviezen maar ook waarschuwingen en kritiek van hun opvoeders te aanvaarden. Vaak speelt schaamte hierbij een grote rol.

 

Mijn ervaring is dat een verhaal, zeker een verhaal in de vorm van een sprookje, door een kind vaak juist wél gemakkelijk aanvaard en geaccepteerd wordt. Bovendien kan een verhaal een laagdrempelige aanleiding vormen om een beladen thema bespreekbaar te maken. Een kind zou bijvoorbeeld na het beluisteren van het verhaal zomaar ineens kunnen zeggen: “Mama, ik voel me net als de jonge leeuw”. Dat is gemakkelijker dan om te zeggen: “Mama, ik voel me eenzaam en verdrietig”.

Naast dat mijn verhaal er bij kan helpen om een gesprek aan te gaan, reik ik kinderen ook een nieuw inzicht aan. In ‘Dagmar en Elfin… en de leeuw die werd gepest’ gedraagt de gepeste leeuw zich dan wel ‘anders’ maar dit betekent nog niet dat de leeuw daardoor dom of niet leuk zou zijn. Heel geleidelijk verander ik deze oude negatieve overtuiging: ik ben anders en dus dom en niet leuk, in een nieuwe positieve overtuiging: ik ben leuk zoals ik ben en ik hoef niet te veranderen.

In 'Dagmar en Elfin... en de leeuw die werd gepest' laat ik een kind zichzelf tevens een tweetal positieve voorstellingen maken. Ten eerste laat ik een kind zich voorstellen hoe een nare ‘pestsituatie’ uiteindelijk goed afloopt. Wanneer een kind zich een dergelijke positieve afloop met al zijn/haar zintuigen voorstelt, dan schept een kind in zijn/haar fantasie een voorstelling van een nieuwe, niet eerder voor te stellen werkelijkheid.
Ten tweede laat ik een kind zich een positief beeld van het dier (en daarmee dus een positief beeld van zichzelf!) voorstellen. Het kind zal zich met dit nieuwe positieve beeld en met het bijbehorende nieuwe positieve gevoel identificeren. Met andere woorden: het kind kruipt als het ware ‘in het positieve gevoel’ van de leeuw.
Aan het eind van het verhaal probeer ik het nieuwe inzicht, de voorstelling van een nieuwe werkelijkheid en het nieuwe positieve gevoel als het ware ‘in het kind te verankeren'. Dit kan ervoor zorgen, dat een kind er in een volgende soortgelijke situatie ‘voor kan kiezen’ om zichzelf anders te gaan gedragen. Wanneer het een kind lukt om anders te gaan denken, anders te gaan voelen en zich anders te gaan gedragen, dan zou eenzelfde nare beginsituatie uiteindelijk wel eens heel anders af kunnen lopen...

In dit verhaal beleeft een kind het thema ‘pesten’ in de gedaante van een leeuw. Enerzijds zal een kind dat wordt gepest zichzelf met de jonge leeuw identificeren, medegevoel voor hem ontwikkelen en de jonge leeuw (en dus zichzelf!) proberen te troosten en te helpen. Anderzijds zal een kind dat zelf pest leren om zichzelf te verplaatsen in een kind dat wordt gepest en zal dit kind daardoor beseffen hoeveel verdriet het pesten veroorzaakt. Ook leren kinderen dat zelfs de oranje leeuw, of terwijl ‘het kind dat voor vele kinderen een stoer en krachtig voorbeeld is’, weleens iets niet durft en 'sorry' zegt.